GEZONDHEID

Gezondheid binnen onze cattery

Een goede gezondheid staat bij ons centraal. Er zijn verschillende erfelijke en overdraagbare aandoeningen bij katten bekend die via een echo of  DNA‑testen kunnen worden opgespoord. Onze ouderdieren worden daarom uitgebreid getest op erfelijke aandoeningen zoals HCM (vanaf 1 jaar) en PKD, en op overdraagbare ziekten zoals FIV en FeLV. Daarnaast laten we de bloedgroep bepalen en zijn onze katten volledig gevaccineerd tegen kattenziekte en niesziekte.

 

Testen helpen ons om zo verantwoord mogelijk te fokken, maar bieden helaas geen absolute zekerheid. Het blijft mogelijk dat een kat later in zijn leven een aandoening ontwikkelt. We doen echter ons uiterste best om gezonde kittens op de wereld te zetten.

Welke gezondheidstesten zijn belangrijk?

Een goede gezondheid begint bij duidelijke informatie. Hieronder vind je een overzicht van de belangrijkste erfelijke aandoeningen binnen het ras.

HCM – Hypertrofische Cardiomyopathie

HCM is een erfelijke hartziekte waarbij de hartspier verdikt raakt, waardoor het  hart het bloed minder goed rondpompen. In het begin zijn er vaak weinig of geen klachten. Soms hoort een dierenarts een bijgeruis of een onregelmatig ritme, maar dit hoeft niet altijd aanwezig te zijn.

 

Naarmate de ziekte vordert, kunnen symptomen ontstaan zoals:

  • sloomheid
  • verminderde eetlust
  • een slecht verzorgde vacht
  • een versnelde of moeilijke ademhaling

Ook kunnen er bloedstolsels ontstaan die bijvoorbeeld een achterpoot kunnen verlammen. In ernstige gevallen kan HCM plotseling overlijden veroorzaken.

 

Bij de Brits Korthaar is een echocardiografie (hartecho) momenteel de enige betrouwbare methode om HCM aan te tonen of uit te sluiten. Er bestaat geen nauwkeurige DNA‑test voor dit ras. Goede fokkers laten hun katten regelmatig controleren en fokken alleen met dieren die vrij zijn van HCM.  Omdat de ziekte zich soms pas op latere leeftijd openbaart (tot ongeveer zeven jaar), is een jaarlijkse hartecho belangrijk. Een normale uitslag biedt helaas geen volledige garantie voor de toekomst.

PKD – Polycystic Kidney Disease

PKD is een erfelijke nieraandoening waarbij zich met vocht gevulde cysten in de nieren ontwikkelen. Deze cysten groeien langzaam en verdringen het gezonde nierweefsel, waardoor de nierfunctie geleidelijk achteruitgaat. In het begin zijn er vaak geen duidelijke symptomen.

Wanneer de nieren minder goed gaan werken kunnen klachten ontstaan zoals:

  • meer drinken en plassen
  • braken
  • verminderde eetlust
  • gewichtsverlies
  • algemene sloomheid.

In een verder gevorderd stadium kan PKD leiden tot ernstig nierfalen.

 

Bij de Brits Korthaar is een DNA‑test beschikbaar waarmee PKD betrouwbaar kan worden uitgesloten. Daarnaast kan een echografie worden gebruikt worden om cysten vroegtijdig op te sporen. Verantwoorde fokkers laten hun katten testen en fokken uitsluitend met dieren die PKD‑vrij zijn. 

FIV & FeLV

 

FIV – Feline Immunodeficiency Virus

FIV, ook wel kattenaids genoemd, tast het afweersysteem aan. Besmetting vindt vooral plaats via vecht‑ en bijtwonden, maar kan ook optreden tijdens de dracht of via moedermelk. In het begin zijn er meestal geen duidelijke symptomen.

Gemiddeld 3 tot 5 jaar na besmetting kunnen klachten ontstaan zoals:

  • chronische tandvleesproblemen
  • periodieke koorts
  • terugkerende luchtwegklachten
  • een verzwakt immuunsysteem

Hierdoor wordt de kat gevoeliger voor infecties door virussen, bacteriën, parasieten en schimmels. Een eenvoudige infectie kan daardoor toch ernstige gevolgen krijgen. Er bestaat geen genezende behandeling voor FIV. Wel kunnen FIV‑positieve katten ondersteuning krijgen om secundaire infecties beter te bestrijden. Een vaccin is niet beschikbaar. De enige effectieve manier om besmetting te voorkomen is contact met besmette katten vermijden. Katten die vrij buiten lopen hebben hierdoor een duidelijk groter risico.

 

FeLV – Feline Leukemievirus

FeLV wordt voornamelijk overgedragen door nauw sociaal contact, zoals het delen van voer‑ en drinkbakjes, de kattenbak of door elkaar te wassen. In mindere mate kan het virus ook via bijtwonden, tijdens de dracht of via de melk worden doorgegeven.

Het virus kan leiden tot:

  • bloedarmoede
  • tumoren
  • een sterk verminderde afweer

Symptomen treden vaak pas maanden tot jaren na besmetting op.

Net als bij FIV bestaat er geen genezende behandeling, al zijn er wel ondersteunende maatregelen mogelijk. 

 

FIV en FeLV kunnen worden opgespoord met één gecombineerde bloedtest. Het is aan te raden om zowel poes als kater vóór de dekking te testen, zodat het risico op overdracht wordt uitgesloten.

Bloedgroepbepaling

Katten hebben drie mogelijke bloedgroepen: AB en in zeldzame gevallen AB. Bloedgroep A komt het meest voor, maar bij sommige rassen, waaronder de Brits Korthaar, wordt bloedgroep B relatief vaak gezien.

 

Wanneer een poes met bloedgroep B kittens krijgt van een kater met bloedgroep A kan dit ernstige problemen geven. De poes maakt namelijk antistoffen tegen bloedgroep A die via de melk bij de kittens terechtkomen. Kittens met bloedgroep A kunnen hierdoor een ernstige reactie krijgen waarbij hun rode bloedcellen worden afgebroken. Dit kan leiden tot:

  • zwakte
  • geelzucht
  • bloedarmoede
  • roodbruine urine

In veel gevallen kan dit zelfs dodelijk zijn.

 

Om dit te voorkomen is het belangrijk dat de bloedgroepen van beide ouderdieren passend zijn. Verantwoorde fokkers laten daarom vooraf een bloedgroepbepaling uitvoeren, zodat risicovolle combinaties worden vermeden of voorzorgsmaatregelen kunnen worden getroffen. 


Brits Korthaar fokker Apeldoorn - verantwoord fokken - Brits Korthaar kittens

 

© Brits Korthaar Cattery My-O-My in Apeldoorn